[vc_row][vc_column width=”2/3″][vc_column_text]

INLEIDING

De aanleiding voor dit essay is de opkomst van de aandacht voor ethiek van Kant in organisaties. Zo halen bijvoorbeeld bestuurders van grote organisaties regelmatig de media met onderwerpen die aan zelfverrijking, misbruik van informatie of macht doen denken. Ethiek is derhalve tijdelijk actueel in de media, maar ethiek biedt altijd een leidraad voor het antwoord op de vragen: “Wat moet ik doen? Waar ben ik toe verplicht?” Kant heeft in het kader van de opbouw van een ehtisch oordeel, drie kritieken geschreven die als drieluik kunnen worden opgevat. Dit zijn: Der Kritik der Reine Vernunft waarin zijn kenleer is opgetekend, Der Kritik der Praktische Vernunft waarin de route naar een ethisch oordeel is verwoordt, en de Kritik der Urteilskraft waarin het synthese-oordeel beoogd wordt tussen enerzijds de kenleer en anderszijds de ethiek.

Iedereen beschikt in allerlei situaties over natuurlijke condities van zijn eigen persoonlijkheid plus de toevallige empirische inwendige en uitwendige condities in tijd en ruimte, waar men mee geconfronteerd wordt in de vorming van een moreel oordeel. Niet iedereen hoeft, noch kan dezelfde ethische keuzes maken.

[/vc_column_text][/vc_column][vc_column width=”1/3″ el_class=” “][vc_single_image image=”8659″ img_link_target=”_self” img_size=”large”][vc_column_text]

Klik hier voor de gehele pdf.

[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]